african elephant pslr 8504 600brPrimaatonderzoeker Frans de Waal begint zijn boek "Zijn we slim genoeg om te weten hoe slim dieren zijn?" met een citaat van Charles Darwin : "hoe groot het verschil in geest tussen de mens en de hogere dieren ook is, het is ongetwijfeld een verschil in gradatie en niet in aard"

Het boek beschrijft de enorme ontwikkeling en vooruitgang van het onderzoek op gebied van dierlijke intelligentie in de laatste decennia. En steeds duidelijker komt daaruit naar voren hoezeer Darwin het opnieuw bij het rechte eind lijkt hebben.

Het boek maakt niet alleen op overtuigende wijze duidelijk dat veel dieren (veel) intelligenter zijn dan we denken, maar maakt ook aannemelijk dat veel dieren bewustzijn hebben en dat ten minste enkele hogere dieren zelfbewustzijn hebben; een vorm van IK besef, een zelf.  Het ondersteunt de steeds breder gedeelde opvatting dat zelfbewustzijn, net als zoveel andere gezamenlijke eigenschappen van mens en dier, via continue natuurlijke evolutie is ontstaan. En niet door een abrupte bovennatuurlijke "Goddelijke" ingreep in de evolutie van de mens om hem te onderscheiden van andere dieren, zoals bijna alle religies ons willen doen "geloven".

Frans de Waal: "Gezien de overeenkomsten in gedrag en zenuwstelsel tussen mensen en andere soorten met omvangrijke hersenen, is er geen reden om vast te houden aan de idee dat alleen mensen bewustzijn hebben".

En ook:  "Andere diersoorten laten zien dat ze over vaardigheden beschikken die van oudsher worden beschouwd als een indicatie van bewustzijn. Door vol te houden dat ze die vaardigheden bezitten zonder bewustzijn te hebben, wordt een onnodige tweedeling geïntroduceerd. Het suggereert dat ze doen wat wij doen, maar op fundamenteel verschillende manieren. Vanuit evolutionair oogpunt klinkt dat onlogisch".

Maar, dat dieren bewustzijn hebben wil niet zeggen dat ze de wereld of hun eigen IK net zo ervaren als wij.  Frans de Waal: "De werkelijkheid is een mentale constructie. De olifant, de vleermuis, de dolfijn, de inktvis, ze hebben zintuigen die wij niet hebben, of die we in een veel minder ontwikkelde vorm hebben, waardoor we hun verhouding tot hun omgeving onmogelijk kunnen doorgronden. Ze bouwen hun eigen werkelijkheden op. Zelfs als ze informatie verwerken die voor ons vertrouwd is, doen ze dat misschien heel anders." Een vleermuis gebruikt geluidsecho's om de wereld om hem heen in "beeld" te brengen en ook om zichzelf te onderscheiden van de wereld om hem heen. Wij kunnen ons geen voorstelling maken van hoe de vleermuis zichzelf en zijn echo-wereld beleeft, maar op basis van die beleving kan hij wel insecten vangen in volle vlucht en lijkt het alsof hij "ziet" wat wij zien.  Andere dieren ervaren zichzelf en de wereld om hen heen op de meest geschikte manier om als soort te overleven. Hun mentale "beeld" van zichzelf en de wereld kunnen wij ons niet voorstellen en zou zomaar rijker kunnen zijn dan het onze. Of zoals Frans de Waal het zegt: "De ironie wil dat door de studie van dierlijke cognitie niet alleen andere soorten in onze achting stijgen, maar wij ook leren onze eigen geestelijke vermogens niet te overschatten"

Wij krégen de geest niet. Hij evolueerde mee met de evolutie van het leven en is na honderden miljoenen jaren bij de mens op een bijzonder hoog niveau gekomen. Die geest is net als de ervaring van de wereld om ons heen, een uiterst complexe mentale constructie. Een razend knap product van ons brein.

 

Foto: Afrikaanse olifant

September 2016